De man die het begrip osmose introduceerde als omschrijving van de bootpokken heeft ons geen plezier gedaan aldus Hugo de Plessis in het tijdschrift Practical Boat Owner, januari 2000 in zijn verhaal over osmose.
Hij bevestigd daarmee de mening van inmiddels alle experts:
Osmose is geen oorzaak, maar een gevolg van hydrolyse: scheikundige splitsing van stoffen door opname van water.
Onze boten krijgen pokken, osmoseblazen, doordat ze in het water liggen.
Zonder water is osmose niet mogelijk.
Een tweede voorwaarde voor de pokken is een in water oplosbare stof en als derde een semi-permeabele wand (Selectief filter of membraam).
De gelcoat en het polyester van de boot vormt een selectief filter, waarin watermoleculen kunnen doordringen: diffusie.
Deze manier van wateropname vindt altijd plaats en kan niet worden gestopt.
De tweede manier waarop water makkelijker toegang krijgt tot het laminaat, is door kleine kanaaltjes die zijn ontstaan door het verdampen van de styreen, het oplosmiddel van de polyesterhars.
En de derde door de mechanische beschadigingen van de gelcoat: aanvaringen, zwaar schuren, barstjes door te grote laagdikte, slechte
hechting enzovoorts.
Nat en wat dan nog?
Als na verloop van jaren de osmoseblaasjes de kop opsteken, wordt er een expert geraadpleegd die kijkt of het gaat om oppervlakkige blaasjes, of om grotere en dieper liggende.
Hij zal daarna zijn vochtmeter op het onderwaterschip houden.
Als hij zorgelijk kijkt en roept dat het laminaat nat is, wordt het tijd om een reparatiebedrijf in te schakelen.
Dan is het punt bereikt waarop vocht het polyester aantast. In een vochtig (nat) laminaat natuurlijk niet te vergelijken met een spons, is een tweede proces op gang gekomen. Water, een zeer agressief goedje, is begonnen om de polyesterhars op te lossen aan de wanden van alle ruimten, blaasjes, belletjes, ruimten om glasvezels, scheurtjes enzovoorts. Dit verschijnsel heet hydrolyse.
Je zou zeggen polyester lost toch niet zo maar op;nee dat gebeurt ook niet zo maar,daar zijn vele jaren voor nodig.
Hoeveel is afhankelijk van:
Een beetje Chemie
De estergroepen in de polyesterhars worden gevormd door een reactie van alcoholen en zuren, waarbij water vrij komt.
Tijdens de productie van polyesterhars moet dat water uit de hars worden gestookt.
Deze estervorming is helaas een typische evenwichtsreactie zodat hij ook omgekeerd kan plaats vinden.
Deze omgekeerde reactie, verzeping, vindt plaats onder invloed van water.
Het betekent dat in een laminaat waarin water makkelijk toegang heeft, de uitgeharde hars verzeept in zuren en alcoholen.
Een hars met weinig estergroepen zoals de vinylester Atlac 580 is daardoor minder gevoelig voor hydrolyse.
Tijdens de bouw van een polyester boot kan er van alles fout gaan.
De gevolgen daarvan worden, zoals al eerder gezegd, pas na jaren zichtbaar op het onderwaterschip en we geven daar de naam osmose aan.
Is dit nog steeds een geheimzinnig verschijnsel? Welke gevolgen heeft het op de lange termijn en moet je bang zijn dat de kiel
uiteindelijk van het schip valt?
Osmose is het probleem van de tweede of derde eigenaar volgens Jan van de Kerke , jachtexpert. De eerste eigenaar verkoopt zijn boot gemiddeld na zeven jaar en tussen zeven en tien jaar beginnen bij veel boten zich de eerste verschijnselen te openbaren.
Hans Mombers heeft als reparateur boten behandeld van tien jaar oud waar hydrolyse al duidelijk sporen had achtergelaten.
Maar normaal begint het later.
Hij laat ons op de werf de gevolgen van hydrolyse zien het zelfde verschijnsel waarop Willem Jan van de Kerke ons in Zwolle attendeerde:
laminaat waarvan de buitenste laag glasvezels min of meer los ligt in een beschuitachtige structuur.
Hans Mombers noemt het geen hydrolyse, maar "diralyse" een nieuw woord wat destructie als gevolg van hydrolyse betekent.
Het gevolg daarvan kan verzwakking van het laminaat betekenen.
Niet dat de kielen er direct vanaf vallen, maar de sterkte loopt behoorlijk achteruit en daaraan zal de eigenaar iets moeten (laten) doen.